Algemeen
Inleiding Outlook algemeen.
De groep “outlook”, “persoonlijk” en “overige”.
De mappenlijst, het autovoorbeeld, de veldkiezer, verschillende weergaven.
Emailberichten opstellen
Bericht maken en verzenden.
Elektronische handtekening, tekstopmaak, spellingcontrole.
Iemand een kopie sturen van het e-mailbericht.
Een collega toegang geven (machtigen) tot uw postvak.
Het postvak van collega bekijken, een bericht verzenden “uit naam van”.
Binnenkomende e-mail verwerken
De kolommen in het Postvak IN.
E-mailbericht openen, lezen, beantwoorden, doorsturen, afdrukken,
verwijderen, verplaatsen naar een andere map.
De afwezigheidsassistent gebruiken.
Het gebruik van bijlagen
Bijlagen invoegen, openen, opslaan.
Contactpersonen en Adresboeken
Het verschil tussen het Algemene adresboek en het Persoonlijke adresboek.
De werkbalk Contactpersonen, de weergaven van Contactpersonen.
Een nieuwe Contactpersoon invoeren en de weergave daarvan bepalen.
Een vergadering plannen vanuit Contactpersonen.
Reacties op een vergaderverzoek inzien.
Het reserveren van een ruimte of een andere voorziening.
Het gebruik van een Distributielijst om een groep geadresseerden te mailen.
Agenda
De werkbalk Agenda.
De weergaven van Agenda.
Afspraak invoeren, terugkeerpatroon, afspraak wijzigen, verwijderen.
Een document koppelen aan een afspraak.
Iemand toegang geven (machtigen) tot het gebruik van uw agenda.
De agenda van een collega bekijken.